Nieuws

SBR Direct ‘live’

SBR_logoOndernemers kunnen vanaf nu laagdrempeliger, eenvoudiger en sneller kredietrapportages aanleveren aan hun banken via het nieuwe bankenportaal SBR Direct.

Op 17 juni lanceerde het Financiële Rapportages Coöperatief (FRC), waarin ABN AMRO, Rabobank en ING samenwerken, het eerder aangekondigde nieuwe portaal officieel in Amsterdam. Met SBR Direct kunnen ondernemers hun financiële gegevens in SBR (Standaard Bedrijfsrapportages) op laagdrempelige wijze insturen naar de banken, al dan niet ondersteund door hun intermediair (accountant).

“Wij hebben dit aanleverportaal in eerste instantie gebouwd voor ondernemers”, zegt Filip Zoeteweij, voorzitter dagelijks bestuur van het FRC. “Zíj zijn degenen met wie wij primair een kredietrelatie onderhouden.”

Daarnaast kan de ondernemer zijn intermediair uitnodigen om hem in een ‘common workspace’ te assisteren bij het invoeren en samenstellen van kredietrapportages in SBR.  Verder worden binnen SBR Direct uploadmogelijkheden ontwikkeld vanuit softwarepakketten.

Dit betekent dat zowel de ondernemer als intermediair voordeel hebben van het gebruik van het portaal, in termen van tijd, gemak en snelheid. Het nieuwe aanleverportaal, dat nu nog is toegespitst op niet-rechtspersonen, eenmanszaken en zzp’ers maar ook zal worden gericht op kleinere ondernemingen, faciliteert daarmee een laagdrempelige, gestructureerde aanlevering van kredietrapportages in SBR.

Het idee om SBR Direct te ontwikkelen ontstond vorig jaar zomer bij het FRC. Tussen dat moment en nu werden voor banken integrale ketentesten SBR georganiseerd. De in FRC verenigde banken hebben de constructieve, praktische reacties en commentaren van softwareleveranciers en intermediairs hierop vervolgens meegenomen bij de ontwikkeling van dit nieuwe aanleverportaal.

Primaire uitgangspunten hierbij zijn dat het portaal gebruiksvriendelijk, betrouwbaar, veilig en snel moet zijn. Dit is uitgebreid getoetst in gebruikerstesten.

Het nieuwe portaal sluit aan bij de ontwikkeling dat SBR de norm wordt voor ondernemers om informatie aan te leveren bij uitvragende partijen (Belastingdienst, KvK, CBS en banken).

Meer informatie over werken met SBR Direct op SBRdirect.nl en SBRbanken.nl (zie daar ook de demofilm: SBRbanken > Aan de slag).

 

Bron: Accountant.nl

Pinopnamen dga voor casinobezoek vormen winst uit aanmerkelijk belang

CasinoRechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur het geld dat een dga heeft gepind van de bankrekening van zijn bv voor casinobezoek terecht heeft aangemerkt als winst uit aanmerkelijk belang.

Uit onderzoek van de FIOD blijkt dat de dga in verschillende casino’s in de periode van 2006 tot en met 2008 in totaal € 486.650 heeft gepind van de bankrekening van de bv. In geschil is of de inspecteur het geld dat de dga in 2006 (€ 24.850) heeft opgenomen voor casinobezoek terecht heeft belast als regulier voordeel uit aanmerkelijk belang.

De rechtbank is van oordeel oordeelt dat de inspecteur het geld dat de dga heeft gepind van de bankrekening van zijn bv voor casinobezoek terecht heeft aangemerkt als winst uit aanmerkelijk belang. De dga stelt dat hij verplicht is het geld terug te betalen aan de bv. De rechtbank oordeelt dat die verplichting de uitdeling niet ongedaan maakt maar hoogstens kan leiden tot negatief inkomen uit aanmerkelijk belang in het jaar van terugbetaling. Het beroep van de dga is ongegrond.

Bron: Plein+

SMS-alert voor BTW aangifte

BelastingdienstAls startende ondernemer heb je veel aan je hoofd. En dan kan het wel eens gebeuren dat je vergeet dat er ook nog een BTW aangifte gedaan moet worden. Om dit te voorkomen kan je instellen dat de belastingdienst je enige dagen voor het einde van de aangiftetermijn een SMS bericht stuurt om je hieraan te herinneren. Deze dienst is alleen beschikbaar voor ondernemingen welke jonger dan drie jaar zijn.

Meer informatie vind je op de site van de Belastingdienst.

Vakantiedagentegoed uit 2012 vervalt per 1 juli 2013

Vakantie

Als gevolg van de nieuwe wet vakantiedagen vervallen alle wettelijke vakantiedagen een half jaar na afloop van het jaar waarin deze zijn opgebouwd. De in 2012 opgebouwde dagen vervallen dus per 1 juli a.s. Tot vorig jaar bleven de vakantiedagen die mensen niet gebruikten, vijf jaar staan. Het kwam dan ook nauwelijks voor dat ze geschrapt konden worden, waardoor werknemers soms enorme ‘stuwmeren’ aan vakantiedagen opbouwden. Dat is nu dus niet meer mogelijk.

De vervaltermijn geldt alleen voor wettelijke vakantiedagen, wat jaarlijks neerkomt op vier keer het aantal werkdagen per week. Voor bovenwettelijke vakantiedagen en voor alle vakantiedagen uit 2011 en eerder geldt een vervaltermijn van vijf jaar.

De administratie van de vakantiedagen kan nog wel lastig zijn. De wettelijke vakantiedagen uit 2012 vervallen namelijk eerder dan vakantiedagen uit 2008 tot en met 2011. Deze moeten dus afzonderlijk geadministreerd worden.

Overigens kunnen er in de cao afwijkende afspraken zijn gemaakt over de vervaltermijn van wettelijke vakantiedagen. Ook geldt de vervaltermijn niet als een werknemer redelijkerwijs niet in staat is geweest om de dagen op te nemen.

 

Belastingdienst stuurt brieven met verkeerde bedragen

Belastingdienst2De Belastingdienst heeft onlangs 35.000 mensen een brief verstuurd met de vermelding van een verkeerd bedrag. In de brief stond dat mensen geld terug konden krijgen als ze nog aangifte zouden doen over 2011. Het bedrag dat daarbij werd genoemd was onjuist, meldde de Belastingdienst donderdag.

In totaal stuurde de Belastingdienst 520.000 brieven om mensen aan te sporen aangifte te doen omdat ze nog geld terug konden krijgen. Door een menselijke fout ging het in 35.000 gevallen mis. 11.000 mensen krijgen minder geld terug dan in de brief staat. Circa 3000 mensen moeten nog betalen. De overige mensen, bijna 21.000, spelen quitte.

De Belastingdienst stuurt uiterlijk volgende week een herstelbrief. Mensen die volgende week geen brief ontvangen kunnen ervan uitgaan dat de eerste brief juist was.

Vertrouwen mkb-ondernemers op historisch dieptepunt

Pijlnaarbeneden_crashVan de mkb-ondernemers zegt 52% geen vertrouwen in de economische ontwikkeling te hebben, terwijl 18% aangeeft wel vertrouwen te hebben en 30% aangeeft enigszins vertrouwen te hebben. Twee jaar geleden was dit beeld nog radicaal anders. Toen gaf slechts 15% geen vertrouwen te hebben in de economische ontwikkeling van Nederland. Dit blijkt onder meer uit het onderzoek Kleinschalig Ondernemen van Panteia.

Kleine bedrijven minst optimistisch

Het blijkt dat kleinere bedrijven (tot vijftig werkzame personen) aanzienlijk minder optimistisch zijn ten aanzien van hun omzet- en winstverwachting dan grotere bedrijven.

Vooral bij zelfstandigen en ondernemers zonder personeel is er weinig optimisme te vinden. Van deze ondernemers verwacht 23% een stijging van de omzet en slechts 18% verwacht een stijging van de winst.

Bij bedrijven met meer dan tien werknemers in dienst liggen deze cijfers beduidend gunstiger. Van deze bedrijven verwacht 30% een stijging van de omzet en verwacht 39% een stijging van de winst.

Oorzaak van het gebrek aan optimisme onder de kleinere ondernemers is onder meer de sterke focus op de tegenvallende binnenlandse markt, waardoor van exportgroei niet geprofiteerd kan worden. Ook de grotere druk op de tarieven speelt een belangrijke rol.

Mkb blijft achter bij grootbedrijf

Verwacht wordt dat de afzet van het mkb in 2013 met 0,75% afneemt. De tegenvallende binnenlandse bestedingen en de sterke oriëntatie van het mkb op het binnenland is hiervoor de belangrijkste oorzaak. Negatieve uitschieters in 2013 zijn de bouw (-4,25%), de detailhandel (-2,75%) en de autosector (-4,25%).

Dankzij een iets aantrekkende uitvoer kan de industrie in 2013 nog op een kleine plus (0,25%) uitkomen. Ook de groothandel mag in 2013 op een plus van 0,75% rekenen. Deze hangt volledig samen met de uitvoeroriëntatie van de groothandel.

Een tablet van de zaak. Mag dat fiscaal onbelast?

Tablets

De tablet is populair. Volgens Marketingfacts bezit 1 op de 3 huishoudens een Apple iPad, Samsung Galaxy Tab of een ander soort tablet. De tablet wordt ook vaak door een werkgever aan de werknemer (of aan u als DGA van een BV of als IB-ondernemer) ter beschikking gesteld. Moet dit voordeel nu belast worden of niet?

De tablet wordt door de belastingdienst beschouwd als een computer, als het scherm groter is dan 7 inch. En dat is voor de meeste tablets het geval. Voor computers geldt dat aangetoond moet worden dat de werknemer deze voor minimaal 90% zakelijk gebruikt. Alleen dan mag deze onbelast aan een werknemer worden verstrekt.

Recent is er echter een versoepeling gekomen van deze eis. De staatssecretaris heeft aangegeven (zie Kamerbrief nr. DB/2013/96M) dat hij wil aansluiten bij het noodzakelijkheidscriterium: Wat voor een werknemer noodzakelijk is om zijn werk naar behoren te kunnen doen zou niet tot het loon moeten behoren, ook al heeft de werknemer hier (ook) een (privé)voordeel van.

Dit betekent dus dat u moet kunnen aantonen dat de tablet noodzakelijk is voor het werk van u of van uw werknemer. Bijvoorbeeld omdat op deze tablet software staat welke noodzakelijk is voor het uitvoeren van de werkzaamheden. Of omdat uw werknemers veel onderweg zijn en de tablet moeten gebruiken om hun email te kunnen beantwoorden.

Let wel: ‘Noodzakelijk’ is een zwaarder criterium dan ‘nodig’. U voldoet alleen aan het noodzakelijkheidscriterium als u écht niet zonder kan.

Als u al gebruik maakt van de werkkostenregeling, kunt u de tablet ook opnemen in de vrije ruimte van 1,5%. Dan is al het voorgaande niet van toepassing en is een onbelaste verstrekking altijd mogelijk.

Bijna 70% van Nederlandse oldtimers getroffen door belastingmaatregelen

oldtimerDe regels voor vrijstelling van wegenbelasting voor oldtimers worden aangepast. Vanaf volgend jaar moeten eigenaren van oldtimers jonger dan 40 jaar op LPG of diesel ook wegenbelasting gaan betalen. Voor auto’s op benzine wordt de pijn wat verzacht doordat zij gebruik kunnen maken van de ‘kwartregeling’. VWE zocht uit hoeveel en welke oldtimers hierdoor getroffen worden.

In Nederland worden auto’s van 25 jaar en ouder oldtimers genoemd. Hiervan rijden er in totaal nog 260.103 in Nederland rond. Daaronder zijn 119.122 (45,8% van alle oldtimers) benzineauto’s op 1 januari 2014 jonger dan 40 jaar; eigenaren van deze auto’s moeten vanaf dan minimaal het kwarttarief betalen. Veel zwaarder getroffen worden de eigenaren van de 62.781 Nederlandse oldtimers jonger dan 40 jaar op diesel of LPG (24,1% van alle oldtimers). Dit betekent dat in totaal maar liefst 70% van alle oldtimers wordt getroffen door de nieuwe regels.

Meeste slachtoffers onder Mercedes-Benzrijders

Van de oldtimers waarover vanaf 2014 belasting betaald moet worden, is maar liefst één op de vier een Mercedes-Benz (ruim 47.000 oldtimers). Daarna volgt Volkswagen op afstand met zo’n 27.500 oldtimers. De tien meest voorkomende modellen die slachtoffer zijn van de belastingmaatregelen staan in onderstaand schema weergegeven. (zie website VWE)

Atradius: Gebrek aan liquide middelen grootste uitdaging voor winstgevendheid bedrijven

Stapeltje geldRuim 42 procent van de Nederlandse bedrijven vreest dat de dalende vraag naar producten en diensten hun winstgevendheid in de weg staat. Hiermee scoren zij ver boven het West-Europees gemiddelde van 31,5 procent. Tegelijkertijd zegt slechts 8,3 procent van de Nederlandse ondernemers dat hun groei wordt belemmerd door het restrictieve kredietbeleid van banken, terwijl dit voor gemiddeld 17,9 procent van hun West-Europese collega’s geldt. Dit blijkt uit de twaalfde editie van de Betalingsbarometer van Atradius.

Het onderzoek van Atradius heeft betrekking op zo’n 3.000 bedrijven in 14 West-Europese landen.

Onbetaalde facturen

West-Europese bedrijven gaan steeds lakser om met het nakomen van hun betalingsverplichtingen. In 2012 bleven meer facturen onbetaald, wat negatief uitpakte voor de winstgevendheid van ondernemingen. Zo liep de stijging van het aantal wanbetalingen op tot 5 procent van de totale waarde van uitstaande vorderingen, in vergelijking met 3 procent vorig jaar. De belangrijkste reden waarom binnenlandse afnemers niet betalen, is een faillissement of stopzetting van activiteiten. In het buitenland blijven facturen onbetaald, omdat pogingen tot invordering niet succesvol zijn. Doordat steeds meer facturen niet of niet op tijd worden betaald, is het voor veel ondernemers moeilijk hun cashflow op peil te houden. Deze ontwikkeling – gekoppeld aan de dalende vraag naar producten en diensten – wordt dit jaar beschouwd als de grootste uitdaging voor de winstgevendheid van bedrijven in West-Europa. Het percentage bedrijven dat de dalende vraag naar producten en diensten aanvoert, varieert van 44,7 procent in Spanje tot 20 procent in Griekenland. Het omgekeerde geldt voor het aanhouden van voldoende kasmiddelen, met Griekenland aan kop (48 procent) en Spanje als hekkensluiter (17,7 procent).

Krappere bankleningen

‘Opmerkelijk is dat Nederlandse bedrijven krappere bankleningen als minst grote bedreiging beschouwen. Dit gaat echter vooral op voor grotere bedrijven. Zo is het voor deze ondernemingen gemakkelijker langere betaaltermijnen te hanteren en zijn banken vaker bereid financiering te verstrekken. Dit komt mede doordat grote bedrijven risico’s vaker met een kredietverzekering afdekken. Het midden- en kleinbedrijf – de groep die het meest in de problemen komt door het restrictieve kredietbeleid – kan hierbij mogelijk ook veel baat hebben,’ zegt Tom Kaars Sijpesteijn, algemeen directeur van Atradius Nederland.

Wanbetaling door gebrek aan liquiditeiten

De gemiddelde stijging van het aantal wanbetalingen in West-Europa is vooral het gevolg van het aantal binnenlandse (15 procent) en buitenlandse (22,6 procent) vorderingen dat ruim 90 dagen na de vervaldag nog niet is betaald. Net als vorig jaar noemen de meeste bedrijven een gebrek aan liquiditeiten hiervan de belangrijkste oorzaak. Volgens 62,3 procent is dit de grootste reden voor betalingsachterstanden in eigen land en volgens 45,9 procent voor wanbetalingen in het buitenland. De Nederlandse sectoren dienstverlening en productie worden hierdoor het hardst getroffen. In de sector dienstverlening kwamen bijna 8 op de 10 bedrijven in de problemen, doordat binnenlandse afnemers hun betalingsverplichtingen niet nakwamen; in de productiesector is 66,7 procent geconfronteerd met betalingsachterstanden bij buitenlandse afnemers. De betalingsachterstanden in eigen land raken kleinere ondernemingen het hardst. 83 procent van deze bedrijven is vorig jaar met de negatieve gevolgen hiervan geconfronteerd.

Nederland

Nederlandse bedrijven slagen er in vergelijking met hun West-Europese collega’s goed in het aantal wanbetalingen binnen de perken te houden, maar hebben wel moeite met het innen van lang uitstaande binnenlandse facturen. Gemiddeld 2,3 procent van de totale waarde van binnenlandse vorderingen is afgeschreven als oninbaar, versus een Europees gemiddelde van 5 procent. Van de totale waarde aan buitenlandse vorderingen kon gemiddeld 2,7 procent niet worden geïnd in vergelijking met 4,7 procent in West-Europa. Het meest opvallende resultaat uit het onderzoek is de aanzienlijke daling van 70 procent van het aantal buitenlandse vorderingen dat meer dan 90 dagen te laat is betaald. Ten opzichte van vorig jaar daalde het totale aantal achterstallige facturen hierdoor met 6,9 procent. Hier tegenover staat wel een scherpe stijging van 46 procent van het aantal binnenlandse facturen dat langer dan 90 dagen achterstallig was. Dit kan betekenen dat het op de binnenlandse markt moeilijker is om bedragen te innen. In de rest van Europa is juist sprake van een lichte daling (-1,6 procent) van het aantal achterstallige binnenlandse facturen, terwijl het aantal uitstaande vorderingen in het buitenland steeg (+6,7 procent). Frankrijk spant de kroon als het gaat om de stijging van de gemiddelde totale waarde van achterstallige binnenlandse facturen (+14,2 procent). Voor buitenlandse facturen is dat Turkije, waar sprake was van een explosieve stijging van 194,4 procent.

Late betalingen

In West-Europa wordt gemiddeld 30 procent van alle facturen in binnen- en buitenland niet op de vervaldag betaald. Betalingsachterstanden bij binnenlandse klanten komen het vaakst voor in Italië (36,8 procent) en bij buitenlandse afnemers het meest in Zwitserland (38,7 procent). Hoewel in Nederland buitenlandse facturen met 32,3 procent iets langer uitstaan dan het Europese gemiddelde, komen betalingen op binnenlandse facturen sneller binnen (29,2 procent). 77,9 procent van de binnenlandse en 79,8 procent van de buitenlandse achterstallige facturen wordt vervolgens binnen 30 dagen betaald. De West-Europese gemiddelden liggen met respectievelijk 67,3 procent en 66,4 procent aanmerkelijk lager. De Nederlandse krediettermijn bedraagt gemiddeld 26,3 dagen (tegenover 33,7 dagen in Europa) en is hiermee zo goed als gelijk gebleven aan vorig jaar. Hiermee scoort Nederland op betaalgedrag op een aantal belangrijke gebieden beter dan gemiddeld.

Bronnen:
Accountancynieuws
Atradius

 

 

Ondernemerswebsite Daaromeenaccountant.nl live

NBA-logo Diapositief Oranje PMS158c.jpegOnlangs is de ondernemerswebsite Daaromeenaccountant.nl live gegaan. De site moet een extra boost geven aan de promotie van het accountancy beroep. De website is één van de activiteiten die de NBA onderneemt om MKB-ondernemers te laten zien wat de toegevoegde waarde is van een MKB-accountant bij de bedrijfsvoering.

Daaromeenaccountant.nl is een website waar ondernemers:

  • kunnen lezen wat een accountant voor hen kan betekenen;
  • op een laagdrempelige manier vragen kunnen stellen aan accountants;
  • een accountant in de buurt kunnen zoeken.

Tijdens de Week van de Ondernemer in april hebben ondernemers via de website inmiddels al diverse vragen gesteld. Zij reageerden enthousiast op de opzet van de website. Ook de Kamer van Koophandel en MKB Nederland reageerden positief. Zij zullen Daaromeenaccountant.nl opnemen op hun eigen website. MKB Nederland zal daarnaast een artikel opnemen in hun nieuwsbrief die naar 10.000 ondernemers gaat. Daarmee is een mooie start gemaakt om bekendheid te geven aan de website.

www.daaromeenaccountant.nl