VAR_DBAVrijwel direct na inwerkingtreding van de wet DBA op 1 mei jongstleden is de Belastingdienst geconfronteerd met een fors aantal verzoeken om modelovereenkomsten te beoordelen. Inmiddels is een voorraad ontstaan van circa 1.100 nog niet in behandeling genomen verzoeken. Dit blijkt uit de beantwoording van Kamervragen door staatssecretaris Wiebes.

Sinds eind vorig jaar zijn er ruim 3.500 (model)overeenkomsten aan de Belastingdienst voorgelegd. Medio juni waren ongeveer 2.400 overeenkomsten behandeld. Hiervan zijn er door betrokken partijen rond de 800 verzoeken ingetrokken, zitten circa 650 in de eindfase van behandeling en is in ruim 200 gevallen de voorgelegde overeenkomst “goedgekeurd”. Daarentegen kon de Belastingdienst in 750 gevallen geen zekerheid verschaffen dat de voorgelegde overeenkomst altijd tot werken buiten dienstbetrekking zal leiden.

Vier stappen

De staatssecretaris drukt opdrachtgevers op het hart om niet te bevreesd te zijn voor de Wet DBA en verwijst naar het vierstappenplan dat ook in de brief aan de 600.000 voormalige VAR-houders is beschreven.

1. Bedenk eerst of er wel een modelovereenkomst nodig is.

2. Als er een beoordeelde (model)overeenkomst nodig is: zoek op de site van de Belastingdienst een kant-en-klare overeenkomst uit die past bij hoe opdrachtgever en opdrachtnemer met elkaar willen werken.

3. Als opdrachtgever en opdrachtnemer toch al corresponderen (bijvoorbeeld via e-mail) over prijs, resultaat en voorwaarden, dan kan de modelovereenkomst als bijlage bij deze correspondentie worden meegestuurd.

4: Kom de afspraken uit de modelovereenkomst na.

Doorlooptijd acht weken

De Belastingdienst heeft voor de beoordeling van de in het kader van de Wet DBA binnengekomen overeenkomsten een speciaal team (‘taskforce’) geformeerd. Daardoor is het volgens Wiebes in beginsel mogelijk elk verzoek binnen een termijn van acht weken af te doen. Of dat doel wel wordt bereikt, vragen wij ons af.

 

Bron: Register Belastingadviseurs